Het heeft lang geduurd, maar de herziening van het luchtruim rond Nederlandse luchthavens is nu definitief. Vanaf 26 november 2026 worden delen van de civiele Control Zones (CTR's) rond vijf luchthavens opengesteld voor dronevluchten. In die aangewezen gebieden hoeven dronevliegers niet langer vooraf toestemming aan te vragen bij de luchtverkeersleiding. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) ontwikkelde de nieuwe indeling samen met Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL).
Het is een van de meest ingrijpende wijzigingen in het Nederlandse droneluchtruim van de afgelopen jaren. Tegelijk is het een maatregel die veel vragen oproept: waar precies mag het, welke categorieën profiteren ervan, en wat verandert er níet? In dit artikel zetten we de nieuwe indeling stap voor stap uiteen, inclusief de praktische gevolgen voor professionele drone-operators.
Wat is een CTR precies?
Een Control Zone, ofwel CTR, is het luchtverkeersleidinggebied rond een luchthaven. Zo'n zone heeft doorgaans een omvang van ongeveer 15 kilometer rond de luchthaven. Binnen die zone is het reguliere luchtverkeer onderworpen aan actieve verkeersleiding: toren- en naderingsverkeer wordt daar gepland en gesepareerd.
Tot nu toe gold binnen de volledige CTR eenzelfde verplichting voor drones: dronepiloten moesten contact opnemen met de luchtverkeersleiding voordat zij er mochten vliegen. Die regel was niet alleen een administratieve last voor de vlieger, maar belastte ook de verkeersleiding zelf. Elke aanvraag vraagt immers menselijke beoordeling, terwijl het merendeel van die verzoeken betrekking heeft op vluchten die feitelijk geen conflict opleveren met het bemande verkeer.
Wat verandert er vanaf 26 november 2026
Vanaf 26 november vervalt de verplichting tot radiocontact in de nieuw aangewezen delen van de CTR. De logica daarachter is ruimtelijk: op ongeveer vijf kilometer afstand van de luchthaven en verder bevindt het startende en landende bemande luchtverkeer zich doorgaans al op grotere hoogte. Een dronevlieger die op dat moment dicht bij de grond vliegt, hoeft daarom niet permanent in contact te staan met de luchtverkeersleiding.
De nieuwe zones worden aangeduid als lagere luchtruimdelen waar geen doorlopend radiocontact vereist is. Concreet betekent dit het volgende:
- Buitenste delen van de CTR (ongeveer 5 km en verder): geen radiotelefonie meer vereist. Dit geldt in de gebieden die bij de nieuwe indeling als zone zijn aangewezen.
- Binnen een straal van ongeveer 5 kilometer: klaring van de luchtverkeersleiding blijft verplicht. Hier verandert niets aan de bestaande werkwijze.
- Buiten de aangewezen zones: de bestaande regels en beperkingen blijven onverminderd van kracht.
Belangrijk is dat de gedeeltelijke openstelling dus uitdrukkelijk niet betekent dat het luchtruim rond vliegvelden volledig wordt vrijgegeven voor drones. Het gaat om een gerichte verruiming binnen zorgvuldig gekozen begrenzingen.
Voor welke luchthavens geldt de wijziging
De wijzigingen hebben uitsluitend betrekking op civiele CTR's. De nieuwe indeling geldt voor de volgende vijf luchthavens:
| Luchthaven | Regio | Toelichting |
|---|---|---|
| Amsterdam Schiphol | Noord-Holland | Grootste luchthaven van Nederland met de meest complexe luchtruimstructuur en het drukste verkeersaanbod. |
| Rotterdam The Hague Airport | Zuid-Holland | CTR grenst aan dichtbevolkt stedelijk gebied en havengebied, met veel professionele dronevraag. |
| Groningen Eelde | Drenthe / Groningen | Regionale luchthaven met relatief rustig verkeerprofiel. |
| Maastricht Aachen Airport | Limburg | Regionale luchthaven met vrachtverkeer; CTR doorsnijdt landsgrensgebied. |
| Lelystad Airport | Flevoland | Luchthaven met ruimtelijke ontwikkelingsplannen en veel omliggende open ruimte. |
Rond militaire luchthavens blijven de bestaande beperkingen van kracht. Dronevliegers kunnen daar dus niet profiteren van de nieuwe indeling. Wil je weten hoe het aanvragen van dronevluchten in militaire CTR's werkt? Bekijk dan de dronekaart Nederland voor de actuele zones en procedures.
Ook gevolgen voor de Specific categorie
De wijzigingen beperken zich niet tot dronevliegers in de Open categorie. Ook voor operators die in de EASA Specific categorie vliegen, verandert er het nodige. In de buitenste delen van de CTR's is radiotelefonie (RT) straks niet meer vereist. Daarmee wordt ook voor professionele drone-operaties een praktische drempel weggenomen.
Dat is een relevant punt voor bedrijven die regelmatig in de nabijheid van luchthavens opereren, bijvoorbeeld voor inspecties van infrastructuur, terreinbeheer of het vastleggen van activiteiten in de directe omgeving van een terminal of platform. Waar voorheen een RT-verplichting gold bovenop de operationele autorisatie, verdwijnt die extra voorwaarde in de aangewezen zones. Binnen een straal van vijf kilometer blijft klaring vanuit LVNL wel vereist.
Voor professionele opdrachten in complexe luchtruimen blijft een exploitatievergunning in de Specific categorie noodzakelijk. Meer daarover lees je op onze pagina over drone piloten en in onze eerdere achtergrond over versoepeling van dronevluchten in CTR-luchtruim.
Waarom deze wijziging nu wordt doorgevoerd
De aanleiding is tweeledig. Enerzijds vormen de huidige regels een aanzienlijke belasting voor de luchtverkeersleiding, die voor elke droneaanvraag binnen een CTR capaciteit moet vrijmaken. Anderzijds beperken diezelfde regels het nuttige gebruik van drones op plekken waar dat technisch en operationeel veilig kan.
Het ministerie noemt expliciet toepassingen die bijdragen aan veiligheid en aan de Nederlandse dronesector: drones die dijken en andere vitale infrastructuur inspecteren, natuurgebieden beschermen of worden ingezet voor innovatieve economische toepassingen. De nieuwe indeling moet dat soort operaties mogelijk maken op locaties waar de risicoafweging dat toelaat.
Daarbij hoort ook een handhavingscomponent. Door duidelijker te definiëren waar wel en niet mag worden gevlogen, ontstaat een eenduidiger kader. Dat maakt het voor dronegebruikers inzichtelijker wat is toegestaan, en maakt gerichter optreden bij overtredingen mogelijk.
Nieuwe zones in GoDrone en Aeret
De nieuwe indeling van de CTR's wordt op termijn zichtbaar in de gebruikelijke digitale bronnen voor dronevliegers. De gewijzigde zones worden opgenomen in onder meer de GoDrone-app en in Aeret, zodat je vooraf kunt controleren waar de nieuwe regels gelden.
Naast deze officiële bronnen leggen professionele operators hun vluchtvoorbereiding steeds vaker vast in een drone management platform. DroneDeck combineert een kaart met alle luchtruimen en geo zones met vliegplannen, risicoanalyses en checklisten in één omgeving. Zo kun je per vlucht aantoonbaar controleren welke zones gelden, terwijl je de onderliggende documentatie direct bij elkaar houdt. Lees ook ons achtergrondartikel over Dronedeck als drone management platform.
Dat is geen formaliteit. De kaarten zijn leidend bij het plannen van een vlucht, en de wijziging wordt gefaseerd doorgevoerd in de verschillende systemen. Controleer daarom altijd de actuele versie van de kaart in de dagen rond 26 november, en niet een eerder opgeslagen of gedeelde versie.
Wat blijft verboden na 26 november
Het is verleidelijk om de nieuwe indeling te lezen als een algemene versoepeling rond luchthavens. Dat is het niet. Binnen én buiten de gewijzigde CTR's kunnen andere geografische zones van kracht blijven, bijvoorbeeld rond helikopterlandingsplaatsen, vitale infrastructuur of andere locaties waarvoor specifieke beperkingen gelden. Die zones veranderen niet door de nieuwe indeling van de gebieden rond de luchthavens.
Ook de algemene regels uit de Open categorie blijven onverkort gelden. Denk aan de maximale vlieghoogte, de afstandsregels tot mensenmenigten en de verplichting om het luchtruim en de omgeving in de gaten te houden. De nieuwe CTR-indeling verandert daar niets aan. Dronevliegers moeten daarom ook na 26 november vooraf controleren welke beperkingen op de beoogde locatie van toepassing zijn.
Voor vluchten in de Specific categorie blijven bovendien de voorwaarden uit de operationele autorisatie gelden. Een vrijstelling van radiotelefonie is geen vrijbrief: de risicoanalyse, de mitigatiemaatregelen en de eventuele aanvullende eisen rond nachtvluchten of vliegen buiten de Uniforme Daglicht Periode (UDP) blijven van toepassing.
Praktische checklist voor de overgang
Voor operators die geregeld rond een van de vijf genoemde luchthavens werken, is het verstandig om de overgang gestructureerd voor te bereiden. De volgende punten helpen daarbij:
- Controleer de actuele kaart per locatie: gebruik GoDrone of Aeret en verifieer of jouw vaste vlieglocatie daadwerkelijk binnen een nieuw aangewezen zone valt.
- Meet de afstand tot de luchthaven: bepaal of je op of voorbij de grens van ongeveer vijf kilometer opereert. Binnen die straal blijft klaring vereist.
- Inventariseer overige zones: check aanvullend op helikopterlandingsplaatsen, vitale infrastructuur en andere beperkingen die niet meeveranderen.
- Werk je documentatie bij: pas je operationele handboeken, vluchtvoorbereiding en checklisten aan waar zij nog uitgaan van een algemene RT-verplichting binnen de CTR.
- Informeer je crew: zorg dat piloten en waarnemers (observers) de nieuwe begrenzingen kennen, inclusief het onderscheid tussen civiele en militaire CTR's.
- Blijf bij twijfel contact zoeken: als de situatie onduidelijk is, is vooraf afstemmen met de luchtverkeersleiding altijd de veilige keuze.
Verantwoordelijkheid voor veiligheid blijft uiteindelijk bij de vlieger liggen. Een ruimere regelgeving is geen vervanging voor een goede voorbereiding en een actueel beeld van het luchtruim.
Het bredere beeld: luchtruimherziening in Nederland
De maatregel is onderdeel van een al langer aangekondigde herziening van het luchtruim rond civiele luchthavens. Nederland loopt daarmee in lijn met ontwikkelingen elders in Europa, waar meerdere landen de afgelopen periode hun CTR-regimes voor drones hebben herzien. Recent versoepelde Duitsland bijvoorbeeld zijn regels voor dronevluchten in CTR-luchtruim, en ook de procedures voor militaire CTR's zijn in beweging.
De nieuwe indeling is tegelijk een eerste stap, niet een eindpunt. Naarmate drones een grotere rol spelen in inspectie, logistiek en veiligheidstaken, zal de vraag naar heldere en proportionele luchtruimafspraken alleen maar toenemen. De uitvoering van deze herziening, en de manier waarop de zones in de praktijk worden beheerd, zal daarbij mede bepalen hoe snel volgende stappen mogelijk zijn.
Veelgestelde vragen over de nieuwe CTR-indeling
Vanaf welke datum veranderen de regels rond civiele luchthavens?
De nieuwe indeling van de civiele Control Zones gaat in op 26 november 2026. Vanaf die datum is in de aangewezen buitenste delen van de CTR geen radiocontact met de luchtverkeersleiding meer vereist.
Voor welke luchthavens geldt de nieuwe indeling?
De wijziging geldt voor de civiele CTR's rond Amsterdam Schiphol, Rotterdam The Hague Airport, Groningen Eelde, Maastricht Aachen Airport en Lelystad Airport. Rond militaire luchthavens blijven de bestaande beperkingen ongewijzigd van kracht.
Moet ik binnen vijf kilometer van een luchthaven nog steeds contact opnemen?
Ja. Binnen een straal van ongeveer vijf kilometer rond de luchthaven blijft klaring van de luchtverkeersleiding vereist. Alleen in de buitenste delen van de CTR, op ongeveer vijf kilometer en verder, vervalt de verplichting tot radiotelefonie.
Mag ik nu overal rond een luchthaven met een drone vliegen?
Nee. De gedeeltelijke openstelling betekent niet dat het luchtruim rond luchthavens volledig vrij is. Andere geografische zones blijven onverminderd van kracht, bijvoorbeeld rond helikopterlandingsplaatsen, vitale infrastructuur en andere locaties met beperkingen. Controleer daarom altijd vooraf de actuele kaart.
Waar kan ik zien welke zones op mijn vlieglocatie gelden?
De nieuwe zones worden op termijn opgenomen in de gebruikelijke digitale bronnen voor dronevliegers, waaronder de GoDrone-app en Aeret. Controleer voor elke vlucht de actuele kaart, ook na 26 november.